Titel: Kom hier dat ik U kus
Uitgave: Prometheus Amsterdam, 2015, 2014
Aantal pagina's: 382
Genre: Psychologische roman
Hoofdpersoon
Mona heeft een ongelukkige jeugd. Haar moeder sluit haar op jonge leeftijd op
en slaat haar. Haar vader ontvlucht zijn vrouw in zijn tandartspraktijk, die
tegen het huis is aangebouwd. Mona vindt haar straf terecht, ze heeft zichzelf
wijsgemaakt dat ze altijd tekortschiet. ‘Ik zou sterker kunnen zijn, voor een
meisje van negen.’ Dat is een van haar gedachtes in deze periode.
Mona’s moeder overlijdt in een auto-ongeluk en oma komt voor de kinderen zorgen. Vader heeft nu zijn verdriet als reden om aan de slag te blijven. Maar hij krijgt een nieuwe vriendin, Marie, met wie hij al snel trouwt. Dat ze haar mama moeten noemen, omdat ze anders het gevoel zou krijgen buitengesloten te worden, is één van de trekjes van deze jonge vrouw, die vanuit het huis van haar onwillige ouders het leven van Mona en haar vader en broertje binnentrekt. Ook nu wordt er van de kinderen verwacht dat zij meer rekening houden met Marie, dan dat Marie rekening houdt met hen. Zeker nadat er een zusje wordt geboren.
In deel twee van het boek is Mona volwassen en is ze dramaturg bij een van de grootste regisseurs van de Lage Landen. Maar eigenlijk is de eerste helft van het boek de opmaat voor de tweede helft. Daarin ligt haar vader op zijn ziek-, en misschien wel sterfbed. Nu komen langzaam alle pijnen in de onderlinge relaties eruit. Zoals Charlie, de vrouw van broer Alexander, opmerkt: De term disfunctionele gezinnen slaat eigenlijk de plank mis. Deze gezinnen zijn juist heel functioneel. Ieder heeft zijn eigen plek en rol en doet wat er van hem verwacht wordt. Vooral de rol van Marie is schrijnend. Zij betrekt alles, tot de ziekte van haar man aan toe, op zichzelf en de problemen die het haar oplevert. De vader wil daar eigenlijk niet eens meer tegenin gaan of op reageren. Mona moet niet alleen hier kiezen, maar ook in haar relatie met de schrijver Louis gaat het niet goed. Ze weet het, maar de vraag is of ze zich eraan kan ontworstelen.
Mona’s moeder overlijdt in een auto-ongeluk en oma komt voor de kinderen zorgen. Vader heeft nu zijn verdriet als reden om aan de slag te blijven. Maar hij krijgt een nieuwe vriendin, Marie, met wie hij al snel trouwt. Dat ze haar mama moeten noemen, omdat ze anders het gevoel zou krijgen buitengesloten te worden, is één van de trekjes van deze jonge vrouw, die vanuit het huis van haar onwillige ouders het leven van Mona en haar vader en broertje binnentrekt. Ook nu wordt er van de kinderen verwacht dat zij meer rekening houden met Marie, dan dat Marie rekening houdt met hen. Zeker nadat er een zusje wordt geboren.
In deel twee van het boek is Mona volwassen en is ze dramaturg bij een van de grootste regisseurs van de Lage Landen. Maar eigenlijk is de eerste helft van het boek de opmaat voor de tweede helft. Daarin ligt haar vader op zijn ziek-, en misschien wel sterfbed. Nu komen langzaam alle pijnen in de onderlinge relaties eruit. Zoals Charlie, de vrouw van broer Alexander, opmerkt: De term disfunctionele gezinnen slaat eigenlijk de plank mis. Deze gezinnen zijn juist heel functioneel. Ieder heeft zijn eigen plek en rol en doet wat er van hem verwacht wordt. Vooral de rol van Marie is schrijnend. Zij betrekt alles, tot de ziekte van haar man aan toe, op zichzelf en de problemen die het haar oplevert. De vader wil daar eigenlijk niet eens meer tegenin gaan of op reageren. Mona moet niet alleen hier kiezen, maar ook in haar relatie met de schrijver Louis gaat het niet goed. Ze weet het, maar de vraag is of ze zich eraan kan ontworstelen.
Ik kreeg dit boek van iemand die werkt bij een boekenzaak. Het boek is vrij nieuw en er zijn al velen exemplaren verkocht. Het was ook het boek van de maand bij DWDD. Ik was erg benieuwd naar dit boek doordat de achterkant mij erg aansprak. Mijn verwachtingen waren vrij hoog. Ik verwachtte ook dat dit boek een hoog niveau zou hebben, maar het blijkt een niveau 2 boek te zijn. Alsnog heb ik besloten om het boek te lezen, omdat het me een mooi boek leek met veel boeiende thema’s.
De relatie tussen familieleden
Mona’s echte moeder was erg streng, en haar vader had nooit echt tijd voor haar. Na de dood van haar moeder verschijnt er al snel haar stiefmoeder, Marie. Dit doet haar vader zodat zijn twee kinderen weer snel een moeder zullen hebben. Aan de ene kant is Marie heel blij om weer een moeder te hebben, maar aan de andere kant moet ze heel voorzichtig zijn met wat ze doet en zegt. Mona mag Marie niet het gevoel geven dat niemand van haar houdt, ze wil haar stiefmoeder vooral ook niet boos maken, en ze wordt verplicht Marie haar moeder te noemen. Haar vader ziet Mona niet vaak, hij verstopt zich in zijn tandartskliniek omdat hij eigenlijk niet gelukkig is. Niemand praat over gevoelens in deze familie, dit zie je ook op latere leeftijd bij Mona, maar ook bij haar vader, broer en zusje. Haar zusje en Marie hebben later helemaal geen goede band meer, maar hoe dit gekomen is komt de lezer niet te weten.
Liefde
Mona
krijgt op jonge leeftijd maar weinig liefde van haar ouders. Haar moeder is
enorm streng en haar vader zit dagenlang in zijn kliniek. Na haar moeders dood,
sluit haar vader zich nog meer op en Mona heeft het gevoel dat ze meer liefde
aan haar stiefmoeder moet geven, in plaats van dat ze liefde krijgt. Dit heeft
ook effect op haar verdere leven. Ze krijgt een relatie met Louis en klampt
zich helemaal vast aan hem. Ze doet wat hij van haar vraagt.
Later
in het boek krijgt de lezer te weten dat Mona’s vader eigenlijk onwillig is
getrouwd met haar echte moeder, doordat ze zwanger raakte van Mona. Later is
heeft hij voor Marie gekozen als een moeder voor zijn kinderen terwijl hij diep
in zijn hart van iemand anders hield. Door dit verhaal gaat Mona beseffen dat
ze moet gaan doen wat ze écht wil, en na haar vaders dood doet ze dit dan ook. Laatste zinnen van het boek; Ik
denk: ik wil begrijpen wat de liefde is, onthouden dat dat alles is, of toch
bijna. Ik wil redden wat er te redden valt, mijzelf bijvoorbeeld, ik wil weten
wat ik waard ben, kiezen voor wat klopt en goed is, geloven dat dat mag.
Thema
Het
belangrijkste thema van dit boek is het zoeken naar jezelf. Gedurende het hele
verhaal zoekt Mona naar zichzelf, en uiteindelijk kiest zij ook voor zichzelf
en gaat zij doen wat ze wil, niet wat anderen van haar verwachten. Haar hele leven
heeft zij aan zich voorbij laten gaan en gedaan om anderen te vermaken. Door
verhalen uit het verleden en heftige gebeurtenissen in het heden kiest Mona
ervoor om haar huidige leventje te veranderen en voor zichzelf te kiezen. Ik denk: dat is het, ik wil durven,
eindelijk. Ja.Schrijfstijl
Tijdens
het lezen ergerde ik me soms wel aan de schrijfstijl. Het speelt zich niet af
in Nederland maar België, dus er wordt geschreven in het vlaams. Ik vond dit
meer lijken op een wat ouderwetsere schrijfstijl. Na een tijdje raakte ik hier
wel gewend aan.
Het
verhaal is zo geschreven dat je vlot door kunt lezen en er zijn niet veel
moeilijke woorden gebruikt. Wel werd er meerdere keren een mooie uitdrukking
gebruikt, waarbij ik echt een paar keer die zin moest herhalen om de mooie
betekenis ervan te begrijpen. Dit vond ik een bijzonder aspect van dit boek,
het zet je meer aan het denken terwijl je aan het lezen bent. Zo wordt de
bedoeling van het boek ook steeds duidelijker en ga je zelf ook over deze
uitdrukkingen nadenken.
(blz 178) ‘Als ge na
durft te denken over waarom ge zijt geworden wie ge zijt geworden, kunt ge ’t
ook veranderen. Dat moogt ge niet vergeten.’
De
tijd waarin het verhaal zich afspeelt is verdeeld in 3 periodes. Het eerste
deel van het boek speelt zich af in de jaren 1976-1978 (bladzijde 11 t/m 135).
Mona is dan een kind van negen jaar. Deel twee speelt zich af in het jaar 1991,
Mona is dan vierentwintig (bladzijde 139 t/m 226). In deel drie is het 2002,
Mona is dan vijfendertig (bladzijde 229 t/m 382).
In
het eerste deel van het boek kijk je mee door de ogen van de negenjarige Mona.
Je leest haar gedachten en de opmerkingen die zij maakt zijn nog heel
kinderlijk, dit is grappig om te lezen. Maar soms zijn de gedachten van Mona
ook verbazingwekkend, ze probeert zich op zo’n jonge leeftijd al zo volwassen
te gedragen om iedereen te verblijden. Ze maakt bijvoorbeeld zichzelf wijs dat
het goed is dat haar moeder streng was tegen haar. (bladzijde 29) ‘Bij mij was ze strenger. Maar dat vond ik
goed, want ik had dat ook nodig. Anders zou het nooit iets worden met mij.’
In
deel twee is goed te merken dat Griet op de Beeck zelf ook dramaturg is
geweest. Mona is dan vierentwintig en dramaturg, ze gaat deelnemen aan een nieuwe
productie van een beroemde theatermaker. Je kijkt nu meer door de ogen van een
volwassene. Dit gaat verder in deel 3, hier ontwikkelt Mona zich tot een echte
volwassene die het leven begint te begrijpen en ze keuzes gaat maken voor haar
zelf.
De personages in dit boek worden allemaal uitvoerig besproken. Van bijna iedereen
die in het boek voorkomt, wordt het karakter beschreven. Het boek is geschreven
vanuit het oogpunt van Mona, de hoofdpersoon. Je leest over verschillende
periodes in haar leven dus je merkt de veranderingen in haar leven en karakter
op. Je wordt als het ware in haar leven gezogen. Je leert gaandeweg het boek
ook haar familie beter kennen. Haar eigen vader, waarmee ze nooit écht mee
heeft gepraat, leren wij maar ook Mona kennen op zijn sterfbed. De handelingen
van Mona’s stiefmoeder Marie worden vaak beschreven. Je leert haar kennen als
een jaloers type, maar ook een vrouw die haar zin enorm nastreeft.
Eindoordeel
Na
een paar hoofdstukken uit dit boek te hebben gelezen was ik verbaasd. Dit boek
gaat over een negenjarig meisje met een vervelende jeugd? Maar naarmate ik
verder las, en ik bij de volgende delen van het boek aan kwam, begon ik de
gedetailleerde beschrijvingen en dialogen te begrijpen. Ik vond het ook een
stuk boeiender. Vooral het einde van het
boek vind ik sterk. Het wordt dan duidelijk wat het uiteindelijke doel is van
dit boek. Ik vind het fijn als je in een boek ergens naartoe leest, bij dit
boek was het me niet zo duidelijk in het begin waar het verhaal nou op moest uitkomen,
maar het einde heeft dit weer helemaal goed gemaakt.
(Bladzijde 381) ‘Ik
wil eindelijk worden wie ik ben, niet wie ik altijd dacht dat anderen wilden
dat ik was.’
Het
onderwerp van dit boek vind ik erg mooi.
Een verhaal over waarom we worden wie we zijn, over kapotte mensen en hoe zij
ongewild anderen ook kapotmaken. Over waar verantwoordelijkheid eindigt en
schuld begint. Over geheimen en eenzaamheid, over ziekte en zwijgen. Over de
gevaren van sterk zijn. Over vergeten en niet kunnen vergeten. Over jezelf
durven redden. En over de liefde. Dit staat op de achterkant van het boek.
En ik ben het er helemaal mee eens. Dit verhaal heeft eigenlijk zoveel kanten,
maar op het eerste gezicht lijkt dit boek alleen een levensverhaal. Maar als je
er dieper induikt en de karakters en veranderingen van de hoofdpersonen volgt,
zie je dat dit boek zoveel thema’s heeft. Het gaat over de relatie tussen Mona
en haar vader. Het gaat over de karakters van Mona’s ouders, die erg veel
invloed hebben gehad op Mona en haar gevormd heeft tot wie ze nu is. Mona’s
vader heeft geheimen, waardoor hij eigenlijk eenzaam is, en waar Mona pas op
zijn sterfbed achter komt. En het gaat vooral over jezelf durven redden. jezelf
redden uit de situatie waarin je zit en voor jou zelf kiezen. Dit doet Mona,
aan het einde van dit boek.
(bladzijde 379): ‘Ik
had beslist, ooit, dat gij mijn boei waart, als ik die losliet, dat zou ik
verzuipen. Nu denk ik dat ik liefde wil.’