dinsdag 5 januari 2016

Balansverslag

Mijn laatste verslag op mijn leesdossier. En wat heb ik veel tijd in deze blog gestoken, zeker de laatste maanden. Ik vond het niet altijd even leuk om opdrachten te maken, maar het lezen van boeken vind ik nog steeds een fijne bezigheid. Ik heb veel soorten boeken gelezen deze periode, van klas 1 naar klas 6. In het begin van mijn schoolcarrière hadden simpele boeken met herkenbare onderwerpen mijn voorkeur. Vaak ging ik naar de bieb, op zoek naar boeken met onderwerpen typerend voor mijn leeftijd. Maar naarmate ik ouder werd, en door school 'gedwongen' werd boeken van hogere niveaus te lezen, begon mijn interesse in boeken te veranderen. Boeken zoals 'Brieven voor mevrouw Bromley' en 'Bezonken rood', met als onderwerp oorlog, boeiden mij zeer. En nog steeds ben ik geïnteresseerd in boeken uit vroegere tijden. Hier hebben de literatuurlessen mij wel mee geholpen. Verplichte boeken zoals 'Karel ende Elegast' en 'Klucht van de molenaar' vond ik leuk.
Mijn ervaring met literatuur is altijd wel positief geweest. Natuurlijk zijn er boeken geweest, die verplicht gelezen moesten worden, waarvan ik het nut niet in zag. Het boek 'Max Havelaar' bijvoorbeeld, weinig geliefd bij de meeste scholieren, is niet mijn leukste boek die ik heb moeten lezen. Maar één ding dat ik geleerd heb, niet meteen stoppen als het boek je niet bevalt. Zet door, en misschien verander je van mening. Dit is natuurlijk met meerdere dingen in het leven.
Twee boeken uit de periode 1880-1940, ik vond het maar niks. Boeken met veel dezelfde thema's en depressieve tonen. Dit dacht ik ook bij het boek 'Karakter' van F. Bordewijk, maar achteraf gezien heeft het boek een positieve indruk op mij gemaakt. Ik heb zelfs de verfilming van het boek bekeken, al vond ik deze minder dan het boek. Het boek is zo geschreven, dat de lezer zich gaat identificeren met de hoofdpersoon. Ik vond het heerlijk om te lezen hoe een man keihard werkt en met niks tevreden was, hij wilde steeds verder, verder naar de top. Ik ben blij dat ik dit boek gelezen heb, en ik raad het iedereen aan. Het is iets anders dan je gewend zult zijn en de schrijfstijl is ook wat ouderwets, maar het boek heeft een mooie boodschap.
Nu ik terugkijk naar mijn blog kan ik wel wat misstappen ontdekken. In het schrijven van een lang doorlopend stuk met goedlopende zinnen, ben ik nooit geweldig geweest. Het schrijven van zelfbedachte, fantasierijke verhalen is één van de dingen waar ik niet van hou, en waar ik niet goed in ben. Maar ik zie wel dat ik beter ben geworden in het schrijven van een stuk. Hier hebben al deze verslagen mij wel bij geholpen.
Nog een misstap van mij is dat ik het lezen vaak voor mij heb uitgeschoven, en het maken van verslagen ook. Gelukkig ben ik op tijd begonnen en heb ik al mijn boeken gelezen.
Nu aan deze periode een einde komt, en ik hopelijk binnenkort ga studeren, ben ik niet van plan te stoppen met lezen. Natuurlijk is literatuur op de universiteit ook een belangrijk onderwerp, en zeker bij de sociale studie die ik wil gaan volgen. Ik denk dat het vak Nederlands een goede basis vormt voor je verdere leven, en dat literatuur belangrijk is voor elke scholier. Ik heb wel één advies; boeken uit een bepaalde tijd, zoals Reize door het Apendland, zijn interessant, maar de opdrachten die wij erbij moeten maken zijn minder leuk. Niet iedereen wordt blij van het maken van een creatieve opdracht, en ik denk dat dit ook geen nut heeft. Het zijn historische belangrijke boeken, maar er komt niks van terug in de opdrachten die wij erbij moeten maken.
Ik ben veranderd in het lezen, maar ik ben ook veranderd dóór het lezen.

Leesverslag, Mystiek lichaam - Frans Kellendonk, Klas 6

Auteur: Frans Kellendonk
Titel: Mystiek lichaam
Uitgave: Amsterdam: Meulenhoff 2004 (1986)
Aantal pagina's: 174
Genre: psychologische roman

Samenvatting (https://nl.wikipedia.org/wiki/Mystiek_lichaam)
Mystiek lichaam beschrijft het wel en wee van de familie Gijselhart over de periode van twee jaar. Het verhaal is opgeknipt in drie delen.
In het eerste deel "Valse lente" keert Magda terug in het huis van haar vader, de weduwnaar A.W. Gijselhart. Gijselhart is een man die geld als zijn religie heeft. Hij handelt in koper en oud ijzer, bezit huizen die hij tegen woekerprijzen verhuurt en belegt in aandelen. Gijselhart beschouwt Magda, wier koosnaam Prulletje is, als een zorgenkind. Magda is in zijn ogen een lelijke meid die zich telkens laat bedriegen door mannen. Magda, op haar beurt, schaamt zich voor haar sjacherende vader. Wanneer ze dineren in een chique restaurant handelt Gijselhart opzichtig met de eigenaar over een acculader die hij in de aanbieding heeft. Gijselhart heeft succes. In ruil voor de acculader mogen hij en zijn dochter op kosten van het huis eten. Terwijl Gijselhart grote hoeveelheden drank en eten wegbunkert, vertelt Magda over de man die ze heeft ontmoet en die ze vijfendertigduizend gulden heeft geleend. Gijselhart ontbrandt in woede. Buiten het restaurant glijdt hij uit en bezeert zich. Hij heeft een vermoeden dat behalve het geld dat Magda heeft verkwist, er nog een andere verrassing volgt.
Deel twee "De moederkerk" beschrijft het leven van Leendert Gijselhart. Net als zijn vader is Broer, zoals Leendert allegorisch wordt aangeduid in de roman, een handelaar. Zijn handel is geen oud ijzer maar schilderijen. Broer woont in Manhattan. Het gaat hem financieel voor de wind, hoewel hij risico's neemt door schilderijen als opties te verhandelen. Magda heeft hem een brief geschreven waarin ze vertelt dat ze zwanger is van Bruno Pechman. Ze bekent ook drie jaar eerder een abortus te hebben gehad. Broer is homoseksueel, een ontdekking die hij deed tijdens een mislukte orgie, waar ook Magda bij was. Met de jongen die hij toen ontmoette, verhuist hij naar New York. Na vijf jaar wordt de jongen ernstig ziek. Als hij na een zoveelste scheiding weer bij Broer op de stoep staat, drinkt Broer van zijn lymfe, ten bewijs dat hij niet gelooft dat de jongen sterft. De jongen sterft aan aids. Broer besluit terug te gaan naar Nederland.
In deel drie "De geschiedenis" woont Broer op de Doornenhof, bij Gijselhart en Magda. Magda is bevallen van een zoon. Ze noemt hem Victor. Gijselhart is opgetogen over zijn nieuwe rol als grootvader. Met de terugkeer van Broer is hij minder tevreden. Hij laat Broer op een zolderverdieping van de schuur wonen. Broer heeft de dodelijke ziekte, wat hem er niet van weerhoudt contact te zoeken met een tienerjongen uit de omgeving. Wanneer Magda aankondigt dat Bruno Pechman, de vader van haar kind, op bezoek komt, bereiden Broer en Gijselhart gezamenlijk de ontvangst voor. Ze wachten hem met een hagelbuks op. Met Magda als menselijk schild weet Bruno zich toch het huis binnen te dringen. Magda maakt haar vader en broer duidelijk dat ze met Bruno gaat trouwen. Bruno Pechman verschanst zich in de kamer van Magda tot op een dag Gijselhart naar binnensluipt. Hij praat met Pechman en sluit vrede met hem. Pechman bezoekt met zijn zoon zijn familie. Tenslotte vertrekt Magda met hem en Victor naar Zwitserland. Gijselhart en Broer blijven achter op de Doornenhof.

Verwachtingen
Ik moest nog één boek uitkiezen voor mijn lijst. Ik hoorde positieve verhalen over dit boek, en ik vond het fijn dat het een niveau 6 boek is. Ik had hoge verwachtingen van dit boek, door de positieve verhalen en de titel en achterkant van het boek.

Thema
Het geloof
Gedurende het hele verhaal speelt Kellendonk met de taal van de Bijbel. De titel 'Mystiek lichaam' is een verwijzing naar het lichaam van de christelijke geloofsgemeenschap.

 Motieven
Homoseksualiteit
In het tweede deel van de roman houdt zoon Leendert zich bezig met allerlei levensvragen, zoals de zinloosheid van het bestaan als homo, aangezien hij geen bijdrage kan leveren aan de voortgaande geschiedenis van generaties. En in het laatste deel van het boek keert de zieke Leendert terug naar zijn ouderlijk huis, hij is niet erg welkom en wordt ondergebracht in een schuur.

Gezinsleven
Dit kan ook gezien worden als thema. Het verhaal gaat over een gezin, met de bijbehorende problemen.

Beoordeling
Wanneer ik 's avonds alleen met Pappie in de keuken zat wist ik niet meer zo zeker of een kind me van hem zou bevrijden wie weet zou het me nog steviger aan hem binden en die twijfel kwelt me nu opnieuw. Ik heb de vrucht toen laten afdrijven ik ben een engeltjesmaakster geworden ondanks de eed van Hippocrates. (blz 73)
Het boek is geschreven vol versieringen en beeldspraak, hier moest ik in het begin even aan wennen. Er zijn soms verrassende zinswendingen en diepgaande gedachten.

Personages
A.W. Gijselhart: Dit is de gierige weduwnaar. Hij is altijd bezig met geld en hij woont op de Doornenhof. Hij is eenzaam en humeurig, maar als zijn dochter terugkeert, leeft hij weer op.
Prul/Magda: Dit is de geliefde dochter van Gijselhart. Ze keert terug naar haar vader op de Doornehof. Ze wordt door haar vader Prul genoemd en hij heeft een 'Prulmuseum' voor haar ingericht.

Eindoordeel
Ik vond het een leuk boek. Soms wel wat moeilijk, door de diepgaande zinnen en doordat er gelovige stukken tekst in zaten. Het boek heeft een interessant onderwerp. Doordat de hoofdpersonen zulke bizarre gebeurtenissen meemaken kun je je niet identificeren, je kijkt als het ware van een afstand toe als lezer.
De jongen trok zijn trui uit. De wond in zijn oksel was bedekt met een grote pleister, waar een slangetje onderuit kwam. Aan dat slangetje hing een plastic bal, een plastic appeltje aan een plastic steel. Het was een drain die het lymfevocht opving dat uit de wond lekte. Er liep een evenaar van schroefdraad over het appeltje. De jongen draaide het open. Hij hield de onderste helft aan Broer voor. 'Je kunt me bewijzen dat je niet in mijn dood geloofd. Door dit op te drinken.'

Bronnen
http://www.lezenvoordelijst.nl/zoek-een-boek/nederlands-15-tm-19-jaar/m/mystiek-lichaam/
https://nl.wikipedia.org/wiki/Mystiek_lichaam












maandag 4 januari 2016

Leesverslag, Het stenen bruidsbed - Harry Mulisch, Klas 6

Auteur: Harry Mulisch
Titel: Het stenen bruidsbed
Uitgave: Amsterdam: De Bezige Bij, 1959
Aantal pagina's: 173
Genre: psychologische roman/oorlogsroman

Samenvatting (https://nl.wikipedia.org/wiki/Het_stenen_bruidsbed#Samenvatting)
Norman Corinth is een Amerikaanse tandarts uit Baltimore. Hij wordt uitgenodigd voor een congres voor tandartsen in Dresden in de DDR. Het boek speelt zich af in 1956 en de DDR is op dat ogenblik zeven jaar gescheiden van West-Duitsland en kent een communistisch regime. Corinth gaat op de uitnodiging in en reist naar Dresden. Hij wordt opgevangen door Hella Viebahn, een gids van het congres. Corinth heeft een speciale reden om af te reizen naar Dresden. Tijdens de Tweede Wereldoorlog was hij piloot van een Amerikaanse bommenwerper en nam hij deel aan het beruchte bombardement op Dresden in februari 1945. In de loop van het boek wordt duidelijk dat Corinth ook betrokken was bij het mitrailleren van de bevolking van Dresden. In feite is Corinth een oorlogsmisdadiger, hij schoot op onschuldige burgers die naar de rivier gevlucht waren. Aan de andere kant is hij zelf ook slachtoffer. Zijn vliegtuig werd neergehaald en Corinths gezicht is verminkt als gevolg van brandwonden.
In Dresden wordt Corinth geconfronteerd met zijn daden. De stad ligt nog altijd in puin en hij hoort veel verhalen over het bombardement en het Derde Rijk. De pensionhouder Ludwig bijvoorbeeld vertelt Corinth dat hij op historische grond staat. De chauffeur die hij krijgt toegewezen, Günther, zegt dat hij in april 1945 als lid van de Hitlerjugend Hitler heeft ontmoet, en zelfs een kneepje in zijn wang kreeg. Ook een collega op het congres, de West-Duitser Schneiderhahn deelt zijn oorlogservaringen met Corinth en vertelt over de concentratiekampen. Hierdoor krijgt Corinth het idee dat Schneiderhahn een voormalige nazibeul is. Hella ten slotte zegt dat ze als jonge communiste in een concentratiekamp heeft gezeten. Als Corinth met Hella naar het pension teruggaat, gaan ze met elkaar naar bed. Als hij met Hella seks heeft, lijkt het alsof Corinth het bombardement nog eens beleeft.
Als Corinth later aan Hella vraagt het naziverleden van Schneiderhahn te onderzoeken, blijkt dat Schneiderhahn juist tegen het naziregime heeft gestreden. Corinth wordt zo boos als hij dit hoort dat hij Schneiderhahn in elkaar slaat. Als anderen hem willen lostrekken van Schneiderhahn vlucht Corinth weg. Hij is nu door het dolle heen, hij lacht en huilt en rent naar de auto van Günther. Zonder zijn chauffeur rijdt hij weg. In een gebied met puinhopen rijdt hij de auto te pletter en steekt het wrak in brand. Zo vernietigt hij Dresden andermaal.

Verwachtingen
Ik wilde nog graag een niveau 6 boek op mijn lijst, daarom heb ik voor dit boek gekozen. Doordat het een boek is van niveau 6 had ik hoge verwachtingen, ik verwachtte dat het boek vrij moeilijk zou zijn. De titel van het boek sprak mij wel aan, ik hou van boeken met titels waarvan je niet gelijk de betekenis begrijpt.

Motieven
Trojaanse oorlog
In het boek wordt de Tweede Wereldoorlog vergeleken met de Trojaanse oorlog. Zo wordt er verschillende keren teruggeblikt naar de Tweede Oorlog, door de ogen van Corinth, en deze stukjes worden betiteld met 'Zang'. Het bombardement op Dresden wordt beschreven in de Homerische Zangen.

Verwoesting
Het boek blikt terug op de verwoesting van Dresden, het verhaal speelt zich ook af in Dresden. Corinth is één van de verwoesters, hij zat in het vliegtuig dat een bombardement boven Dresden liet vallen. Nu hij weer terug is in Dresden, verwoest hij Dresden, en Hella, voor een tweede keer.

Thema
Er zijn eigenlijk twee thema's, stad en vrouw (liefde). De stad Dresden wordt vergeleken met Troja en de vrouw is Hella. Dresden en Hella worden met elkaar in verband gebracht. Corinth verlangt naar beiden (en verwoest beiden).

Beoordeling
Schrijfstijl: Ik vond de schrijfstijl van dit boek erg lastig. Vaak wordt er door het hoofdverhaal opeens over iets anders verteld, zoals vergelijkingen met Troje.  Ook zijn sommige dialogen in het boek vrij lastig te begrijpen. 'Ik heb nagedacht over geschiedenis in het algemeen. Ik dacht, er zijn twee geschiedenissen: een canonieke en apocriefe. De apocriefe is die van Timoer Lenk en Hitler: die zonder gevolgen, waarin de dingen gedaan worden zonder bedoeling, om zichzelf, zoals...' (hij dacht, zal ik zeggen: de concentratiekampen?) 'de Russische veldtocht van Hitler. Hij ondernam hem omdat het zijn Russische veldtocht was. Ik bedoel, de oorlog tegen Hitler was canoniek, de oorlog van Hitler apocrief.'

Ruimte
Het verhaal speelt zich af in Dresden. Alle ruimtelijke aspecten worden zeer uitgebreid beschreven in dit boek. Het keek in een mateloze ruimte. In een groene diepte van bomen, langs villa waarvan er maar één hol en starend door de lucht bewoond werd, slingerde een straat omlaag naar de ijzeren brug in de verte, waaronder de rivier lag tussen brede weiden. Aan de overkant van de Elbe, in het dal, lag wat er van de stad restte: een onafzienbare branding van puinhopen, beflard, besliert met witte nevel: een bruid, die haar sluier aan stukken had gescheurd bij de aanblik van haar vrijer. Daarachter, naar het zuidoosten, waar de branding verliep, golfden blauwe heuvels tot diep in het Tsjechische Bohemen.

Eindoordeel
Ik vond het niet mijn meest leuke boek. Ik snapte sommige stukken niet en het verhaal was wat eenzijdig. Toch vind ik dat het boek een mooi onderwerp heeft en ik vind de vergelijking tussen Dresden en Troje bijzonder.

Bronnen
https://nl.wikipedia.org/wiki/Het_stenen_bruidsbed#Samenvatting
http://www.scholieren.com/boekverslag/41923


woensdag 30 december 2015

Leesverslag, Kom hier dat ik u kus - Griet Op De Beeck, Klas 4

Auteur: Griet Op De Beeck
Titel: Kom hier dat ik U kus
Uitgave: Prometheus Amsterdam, 2015, 2014
Aantal pagina's: 382
Genre: Psychologische roman

Samenvatting
Hoofdpersoon Mona heeft een ongelukkige jeugd. Haar moeder sluit haar op jonge leeftijd op en slaat haar. Haar vader ontvlucht zijn vrouw in zijn tandartspraktijk, die tegen het huis is aangebouwd. Mona vindt haar straf terecht, ze heeft zichzelf wijsgemaakt dat ze altijd tekortschiet. ‘Ik zou sterker kunnen zijn, voor een meisje van negen.’ Dat is een van haar gedachtes in deze periode.
Mona’s moeder overlijdt in een auto-ongeluk en oma komt voor de kinderen zorgen. Vader heeft nu zijn verdriet als reden om aan de slag te blijven. Maar hij krijgt een nieuwe vriendin, Marie, met wie hij al snel trouwt. Dat ze haar mama moeten noemen, omdat ze anders het gevoel zou krijgen buitengesloten te worden, is één van de trekjes van deze jonge vrouw, die vanuit het huis van haar onwillige ouders het leven van Mona en haar vader en broertje binnentrekt. Ook nu wordt er van de kinderen verwacht dat zij meer rekening houden met Marie, dan dat Marie rekening houdt met hen. Zeker nadat er een zusje wordt geboren.
In deel twee van het boek is Mona volwassen en is ze dramaturg bij een van de grootste regisseurs van de Lage Landen. Maar eigenlijk is de eerste helft van het boek de opmaat voor de tweede helft. Daarin ligt haar vader op zijn ziek-, en misschien wel sterfbed. Nu komen langzaam alle pijnen in de onderlinge relaties eruit. Zoals Charlie, de vrouw van broer Alexander, opmerkt: De term disfunctionele gezinnen slaat eigenlijk de plank mis. Deze gezinnen zijn juist heel functioneel. Ieder heeft zijn eigen plek en rol en doet wat er van hem verwacht wordt. Vooral de rol van Marie is schrijnend. Zij betrekt alles, tot de ziekte van haar man aan toe, op zichzelf en de problemen die het haar oplevert. De vader wil daar eigenlijk niet eens meer tegenin gaan of op reageren. Mona moet niet alleen hier kiezen, maar ook in haar relatie met de schrijver Louis gaat het niet goed. Ze weet het, maar de vraag is of ze zich eraan kan ontworstelen.

 
Verwachtingen
Ik kreeg dit boek van iemand die werkt bij een boekenzaak. Het boek is vrij nieuw en er zijn al velen exemplaren verkocht. Het was ook het boek van de maand bij DWDD. Ik was erg benieuwd naar dit boek doordat de achterkant mij erg aansprak. Mijn verwachtingen waren vrij hoog. Ik verwachtte ook dat dit boek een hoog niveau zou hebben, maar het blijkt een niveau 2 boek te zijn. Alsnog heb ik besloten om het boek te lezen, omdat het me een mooi boek leek met veel boeiende thema’s.

 
Motieven
De relatie tussen familieleden
Mona’s echte moeder was erg streng, en haar vader had nooit echt tijd voor haar. Na de dood van haar moeder verschijnt er al snel haar stiefmoeder, Marie. Dit doet haar vader zodat zijn twee kinderen weer snel een moeder zullen hebben. Aan de ene kant is Marie heel blij om weer een moeder te hebben, maar aan de andere kant moet ze heel voorzichtig zijn met wat ze doet en zegt. Mona mag Marie niet het gevoel geven dat niemand van haar houdt, ze wil haar stiefmoeder vooral ook  niet boos maken, en ze wordt verplicht Marie haar moeder te noemen. Haar vader ziet Mona niet vaak, hij verstopt zich in zijn tandartskliniek omdat hij eigenlijk niet gelukkig is. Niemand praat over gevoelens in deze familie, dit zie je ook op latere leeftijd bij Mona, maar ook bij haar vader, broer en zusje. Haar zusje en Marie hebben later helemaal geen goede band meer, maar hoe dit gekomen is komt de lezer niet te weten.

 

Liefde
Mona krijgt op jonge leeftijd maar weinig liefde van haar ouders. Haar moeder is enorm streng en haar vader zit dagenlang in zijn kliniek. Na haar moeders dood, sluit haar vader zich nog meer op en Mona heeft het gevoel dat ze meer liefde aan haar stiefmoeder moet geven, in plaats van dat ze liefde krijgt. Dit heeft ook effect op haar verdere leven. Ze krijgt een relatie met Louis en klampt zich helemaal vast aan hem. Ze doet wat hij van haar vraagt.

Later in het boek krijgt de lezer te weten dat Mona’s vader eigenlijk onwillig is getrouwd met haar echte moeder, doordat ze zwanger raakte van Mona. Later is heeft hij voor Marie gekozen als een moeder voor zijn kinderen terwijl hij diep in zijn hart van iemand anders hield. Door dit verhaal gaat Mona beseffen dat ze moet gaan doen wat ze écht wil, en na haar vaders dood doet ze dit dan ook. Laatste zinnen van het boek; Ik denk: ik wil begrijpen wat de liefde is, onthouden dat dat alles is, of toch bijna. Ik wil redden wat er te redden valt, mijzelf bijvoorbeeld, ik wil weten wat ik waard ben, kiezen voor wat klopt en goed is, geloven dat dat mag.

 

Thema
Het belangrijkste thema van dit boek is het zoeken naar jezelf. Gedurende het hele verhaal zoekt Mona naar zichzelf, en uiteindelijk kiest zij ook voor zichzelf en gaat zij doen wat ze wil, niet wat anderen van haar verwachten. Haar hele leven heeft zij aan zich voorbij laten gaan en gedaan om anderen te vermaken. Door verhalen uit het verleden en heftige gebeurtenissen in het heden kiest Mona ervoor om haar huidige leventje te veranderen en voor zichzelf te kiezen. Ik denk: dat is het, ik wil durven, eindelijk. Ja.

 

Schrijfstijl
Tijdens het lezen ergerde ik me soms wel aan de schrijfstijl. Het speelt zich niet af in Nederland maar België, dus er wordt geschreven in het vlaams. Ik vond dit meer lijken op een wat ouderwetsere schrijfstijl. Na een tijdje raakte ik hier wel gewend aan.

Het verhaal is zo geschreven dat je vlot door kunt lezen en er zijn niet veel moeilijke woorden gebruikt. Wel werd er meerdere keren een mooie uitdrukking gebruikt, waarbij ik echt een paar keer die zin moest herhalen om de mooie betekenis ervan te begrijpen. Dit vond ik een bijzonder aspect van dit boek, het zet je meer aan het denken terwijl je aan het lezen bent. Zo wordt de bedoeling van het boek ook steeds duidelijker en ga je zelf ook over deze uitdrukkingen nadenken.

(blz 178) ‘Als ge na durft te denken over waarom ge zijt geworden wie ge zijt geworden, kunt ge ’t ook veranderen. Dat moogt ge niet vergeten.’

 
Tijd
De tijd waarin het verhaal zich afspeelt is verdeeld in 3 periodes. Het eerste deel van het boek speelt zich af in de jaren 1976-1978 (bladzijde 11 t/m 135). Mona is dan een kind van negen jaar. Deel twee speelt zich af in het jaar 1991, Mona is dan vierentwintig (bladzijde 139 t/m 226). In deel drie is het 2002, Mona is dan vijfendertig (bladzijde 229 t/m 382).

In het eerste deel van het boek kijk je mee door de ogen van de negenjarige Mona. Je leest haar gedachten en de opmerkingen die zij maakt zijn nog heel kinderlijk, dit is grappig om te lezen. Maar soms zijn de gedachten van Mona ook verbazingwekkend, ze probeert zich op zo’n jonge leeftijd al zo volwassen te gedragen om iedereen te verblijden. Ze maakt bijvoorbeeld zichzelf wijs dat het goed is dat haar moeder streng was tegen haar. (bladzijde 29) ‘Bij mij was ze strenger. Maar dat vond ik goed, want ik had dat ook nodig. Anders zou het nooit iets worden met mij.’

In deel twee is goed te merken dat Griet op de Beeck zelf ook dramaturg is geweest. Mona is dan vierentwintig en dramaturg, ze gaat deelnemen aan een nieuwe productie van een beroemde theatermaker. Je kijkt nu meer door de ogen van een volwassene. Dit gaat verder in deel 3, hier ontwikkelt Mona zich tot een echte volwassene die het leven begint te begrijpen en ze keuzes gaat maken voor haar zelf.

 

De personages in dit boek worden allemaal uitvoerig besproken. Van bijna iedereen die in het boek voorkomt, wordt het karakter beschreven. Het boek is geschreven vanuit het oogpunt van Mona, de hoofdpersoon. Je leest over verschillende periodes in haar leven dus je merkt de veranderingen in haar leven en karakter op. Je wordt als het ware in haar leven gezogen. Je leert gaandeweg het boek ook haar familie beter kennen. Haar eigen vader, waarmee ze nooit écht mee heeft gepraat, leren wij maar ook Mona kennen op zijn sterfbed. De handelingen van Mona’s stiefmoeder Marie worden vaak beschreven. Je leert haar kennen als een jaloers type, maar ook een vrouw die haar zin enorm nastreeft.

 

Eindoordeel
Na een paar hoofdstukken uit dit boek te hebben gelezen was ik verbaasd. Dit boek gaat over een negenjarig meisje met een vervelende jeugd? Maar naarmate ik verder las, en ik bij de volgende delen van het boek aan kwam, begon ik de gedetailleerde beschrijvingen en dialogen te begrijpen. Ik vond het ook een stuk boeiender.  Vooral het einde van het boek vind ik sterk. Het wordt dan duidelijk wat het uiteindelijke doel is van dit boek. Ik vind het fijn als je in een boek ergens naartoe leest, bij dit boek was het me niet zo duidelijk in het begin waar het verhaal nou op moest uitkomen, maar het einde heeft dit weer helemaal goed gemaakt.

(Bladzijde 381) ‘Ik wil eindelijk worden wie ik ben, niet wie ik altijd dacht dat anderen wilden dat ik was.’

 

Het onderwerp van dit boek vind ik erg mooi. Een verhaal over waarom we worden wie we zijn, over kapotte mensen en hoe zij ongewild anderen ook kapotmaken. Over waar verantwoordelijkheid eindigt en schuld begint. Over geheimen en eenzaamheid, over ziekte en zwijgen. Over de gevaren van sterk zijn. Over vergeten en niet kunnen vergeten. Over jezelf durven redden. En over de liefde. Dit staat op de achterkant van het boek. En ik ben het er helemaal mee eens. Dit verhaal heeft eigenlijk zoveel kanten, maar op het eerste gezicht lijkt dit boek alleen een levensverhaal. Maar als je er dieper induikt en de karakters en veranderingen van de hoofdpersonen volgt, zie je dat dit boek zoveel thema’s heeft. Het gaat over de relatie tussen Mona en haar vader. Het gaat over de karakters van Mona’s ouders, die erg veel invloed hebben gehad op Mona en haar gevormd heeft tot wie ze nu is. Mona’s vader heeft geheimen, waardoor hij eigenlijk eenzaam is, en waar Mona pas op zijn sterfbed achter komt. En het gaat vooral over jezelf durven redden. jezelf redden uit de situatie waarin je zit en voor jou zelf kiezen. Dit doet Mona, aan het einde van dit boek.

(bladzijde 379): ‘Ik had beslist, ooit, dat gij mijn boei waart, als ik die losliet, dat zou ik verzuipen. Nu denk ik dat ik liefde wil.’

 
Bronnen

 

dinsdag 29 december 2015

Leesverslag, Tikkop - Adriaan van Dis, Klas 5

Auteur: Adriaan van Dis
Titel: Tikkop
Uitgave: 2010, Augustus Amsterdam
Aantal pagina's: 221
Genre: geëngageerde roman, psychologische roman, sociale roman

Samenvatting (achterflap boek)
Tikkop is een roman over verraad, maar ook over vriendschap en liefde voor een taal en een land. Het vertelt de geschiedenis van twee blanke mannen, de Nederlander Mulder en de Zuid-Afrikaan Donald, die als student betrokken raakten bij het internationale verzet tegen de Apartheid. Na veertig jaar halen ze de banden weer aan en verkennen hun gevoelens van weleer: er is een liefde gedeeld, er zijn vrienden verraden, idealen verloochend. De werkelijkheid van het nieuwe Zuid-Afrika lijkt anders dan de droom van toen. De in Parijs wonende Mulder vestigt zich een tijd in de Kaap, waar Donald zijn strijd voortzet in een verstikkend vissersdorp. De lokale bevolking voelt zich aan alle kanten verraden: hun visrechten zijn verkwanseld door corrupten leiders, er is geen werk en hun kinderen vluchten in de tik, een goedkope drug. De twee mannen ontfermen zich over een talentvolle verslaafde die zij een nieuwe toekomst willen bieden, die jongen moet alles goedmaken...

Verwachtingen
Ik was nog op zoek naar een boek, die een ander boek uit de vierde klas kon vervangen. Toen ik dit boek tegenkwam in de boekenkast van mijn oma en de achterkant gelezen had, heb ik voor dit boek gekozen. Ik heb eerder een boek van Adriaan van Dis gelezen, en deze was mij redelijk bevallen. Ik had niet heel hoge verwachtingen van dit boek. Ik wist niet veel over de achtergrond van de Apartheid, maar aangezien ik wel in dit onderwerp geïnteresseerd werd, was ik wel erg benieuwd.

Thema
Vriendschap
Het verhaal gaat over de vriendschap tussen Mulder (Marten) en Donald. Ze zaten samen in de jaren 70 in een beweging die Zuid-Afrika wilde bevrijden van de apartheid. Nu, 40 jaar later, kijken ze terug naar deze jaren. Ze zijn altijd bevriend gebleven, maar ze verschillen erg van elkaar. Donald is erg fanatiek, en pakt de problemen anders aan. Dit was vroeger zo, maar nu nog steeds. Dit zie je terug als ze samen een jongen proberen te helpen.

Zuid-Afrika
Het hele verhaal speelt zich af in Zuid-Afrika. Mulder en Donald willen het land veranderen, en de inwoners beschermen. Ze zaten vroeger allebei in een beweging om de Apartheid in Zuid-Afrika te doorbreken. Niet voor niets keert Mulder terug naar het land, hij kan zijn verleden maar niet los laten. Donald en Mulder zijn allebei bezeten door het land.

Motieven
Drugs
De titel van het boek, Tikkop, slaat terug op een persoon uit het boek, Hendrik. Het is een getalenteerde jongen, maar hij is verslaafd aan tik. Dit is een goedkope drug, waaraan de meeste jongeren verslaafd zijn in het vissersdorp waar Donald woont. Tik is een belangrijk motief in dit boek, het beïnvloed de levens van alle inwoners van het dorp, maar ook de levens van Donald en Mulder, ze proberen Hendrik te helpen, ieder op een eigen manier. En bij dit proces komen ze zichzelf, maar ook elkaar tegen.

Cultuurverschillen
Het verhaal speelt zich voor het grootste deel af in een arm vissersdorp in Zuid-Afrika. Er komen meerdere inwoners uit dit dorp voor in het boek. Er zijn ook sommige zinnen in het Zuid-Afrikaans geschreven. De verschillen tussen Donald en Mulder én de arme inwoners is goed te zien. Maar doordat Mulder begaan is met deze mensen is het mooi beschreven. Mulder wil zich tussen de inwoners begeven en één van hen zijn, om hen te helpen, maar uiteindelijk blijft hij toch een buitenstaander, een rijke blanke.

Schrijfstijl
Het verhaal wordt verteld vanuit het perspectief van Mulder. Het verhaal speelt zich voornamelijk af in het heden, maar regelmatig wordt er teruggeblikt naar het verleden. Het taalgebruik is eenvoudig, maar soms worden er dialogen in het Zuid-Afrikaans beschreven.
'My vrot seun, my vrek seun,' fluisterde Charmein. 'Ag heretjie, ag heretjie.' Ze wou haar handen vouwen, maar kwam niet verder dan één gebalde vuist. (blz 142)

Situaties
Donald had Martens succes in de groep moeilijk kunnen verkroppen. Een week wisten ze elkaar te ontlopen, tot de ouwe duriez, de chef, hen tot de orde riep: de Cubaanse codes wachtten: pour la cause. Nieuwsgierigheid deed de rest. Marten was bereid veel te slikken om naar Zuid-Afrika te mogen. Zo onstond er toch een band. Heimelijk begon hij Donald zelfs te bewonderen, om zijn ernst, ambitie, inzet voor een ander. In zijn nabijheid leerde hij een serieuzer mens te zijn.
Mulder hoorde Donald weer door de telefoon schreeuwen. Hij sloot zijn ogen en verfde hun vriendschap heel. (blz 182)
In dit stukje is te lezen hoe moeizaam de relatie eerst was tussen Donald en Marten (Mulder), en nog steeds. Ze waren allebei zeer gedreven voor de beweging. Ze wilden elkaar overtreffen en hadden allebei een andere werkwijze. Donald zeer fanatiek, Mulder op een meer rustigere wijze. Dit is ook te zien in de aanpak van Hendrik.

Zie je wel, hij kon het niet laten zich met de wereld te bemoeien. (laatste zin van het boek)
De lezer kan zich afvragen, is het wel de moeite waard, je altijd te blijven bemoeien met anderen? Mulder kan zijn verleden niet van zich afzetten, en wil de situatie in Zuid-Afrika blijven veranderen, maar kan dit wel, is dit wel mogelijk?

Tijd
Het verhaal speelt zich af in het heden, dus ongeveer 2010, maar het verleden speelt ook een belangrijke rol. Het verleden speelt zich af rond 1970. Rond deze tijd speelde de apartheidsproblematiek.
Onder de naam apartheid werden veel rechten ontnomen aan mensen van gemengd ras (kleurlingen). De weinige zwarte Afrikanen in de voormalige Kaapkolonie die stemrecht hadden verkregen verloren dit weer

Eindoordeel
Ik had niet echt hoge verwachtingen van dit boek. Maar nu ik het gelezen heb, ben ik enthousiast. Het thema en de motieven interesseren mij, en de schrijfstijl van Adriaan van Dis bevalt mij wel. Een leuk element vind ik dat er echte Zuid-Afrikaanse dialogen in voor komen. De titel van het boek vind ik ook goed gekozen, voordat je gaat lezen heb je geen idee wat 'tikkop' is, maar tijdens het lezen kom je erachter dat het een belangrijk element is in dit verhaal. Het is een mooi boek met een bijzonder verhaal, de lezer krijgt een eigen beeld en vormt ook een eigen mening.

Bronnen
https://nl.wikipedia.org/wiki/Geschiedenis_van_Zuid-Afrika
http://www.lezenvoordelijst.nl/zoek-een-boek/nederlands-15-tm-19-jaar/t/tikkop/









maandag 28 december 2015

2b. Stromingsboek, Kaas - Willem Elsschot

Auteur: Willem Elsschot
Titel: Kaas
Uitgave: Amsterdam, Van Kampen, 1933
Aantal pagina's: 91
Genre: novelle, satire

Samenvatting (https://nl.wikipedia.org/wiki/Kaas_(roman)
Het verhaal gaat over Frans Laarmans, een klerk bij de General Marine and Shipbuilding Company in Antwerpen. Hij krijgt van Van Schoonbeke, de welgestelde vriend van zijn broer Karel, die huisarts is, een baan aangeboden. Laarmans laat zich verleiden om groothandelaar in Nederlandse kaas te worden, volvette Edammer, mede om daarmee meer respect te verdienen in de kringen waarin hij per ongeluk verzeild is geraakt en waar hij zich slecht op zijn plaats voelt, omdat hij zich niet kan meten met de welgestelde en wat snobistische leden van het gezelschap. Met hulp van zijn broer en op aanraden van zijn vrouw slaagt hij erin tijdelijk (en onbetaald) ziekteverlof te krijgen van zijn baan als klerk bij de scheepswerf waar hij werkzaam is, onder het excuus dat hij zou lijden aan een zenuwziekte.
Laarmans wijdt zich met verve aan zijn taak, maar wordt zo meegesleept door zijn nieuwe werk als koopman dat hij zich aanvankelijk alleen bezighoudt met de organisatie en inrichting van zijn 'kantoor', de aankoop van een passend bureau, een schrijfmachine en een telefoon, het ontwerp van zijn briefpapier, de werving van agenten in zijn district, dat bestaat uit België en het groothertogdom Luxemburg, de naamgeving van het bedrijf (hij komt uiteindelijk uit op "Gafpa", wat staat voor 'General Antwerp Feeding Products Association') dat hij zijn eigenlijke taak uit het oog verliest. Als zijn eerste zending van 20 ton kaas arriveert van de leverancier Hornstra uit Amsterdam, weet hij dan ook niet goed wat ermee aan te vangen. Inmiddels is zijn naam als koopman wel een garantie geworden voor zijn positie in de hogere kringen van zijn vriend Van Schoonbeke, waar hij nadien met meer respect wordt behandeld.
In de harde praktijk is Laarmans echter niet geschikt voor zijn werk en blijkt niet in staat om ook maar de geringste hoeveelheid kaas (een product waarvan hij zelf walgt) aan de man te brengen. Zijn aangeworven agenten blijken merendeels non-valeurs en de enorme hoeveelheid Edammers, opgeslagen in het Blauwhoedenveem, wil maar nauwelijks slinken. Zijn vrouw lijdt onder het gehele proces en ook zijn kinderen hebben het zwaar te verduren, al doen zij hun best hun vader bij te staan. Zijn collega's van de scheepswerf komen soms op bezoek om te zien hoe het met hem gaat. Dus hij moet voortdurend oppassen dat hij geen collega's tegenkomt als hij over straat loopt met zijn bollen kaas.
Uiteindelijk geeft hij zijn koopmanschap op, na slechts enkele bollen kaas verkocht te hebben. Hij keert terug naar de scheepswerf in zijn oude baan als eenvoudige klerk, waar hij met open armen ontvangen wordt door zijn oude collega's.

  • In de Nieuwe Zakelijkheid wordt alleen beschreven wat echt nodig is. Hierdoor maakt de schrijver gebruik van alleszeggende zinnen. In het boek 'Kaas' worden alleen de belangrijke gebeurtenissen rondom het avontuur van Frans Laarmans beschreven, hij is uitgekeken op zijn saaie ambtenarenbaantje en grijpt de kans met beide handen aan om in 'de handel' te gaan.                                                                                 Eindelijk schrijf ik je weer omdat er grote dingen staan te gebeuren en wel door toedoen van mijnheer Van Schoonbeke. Je moet weten dat mijn moeder gestorven is. (blz 14)                                                                                                                  Elsschot beschrijft even kort een andere gebeurtenis, namelijk de dood van zijn moeder, maar richt zich daarna helemaal op het plan van Frans Laarmans.
  • Ook wordt gevoel bij deze stroming niet of weinig beschreven.                                     Ik werd helemaal koud toen het vrouwenkoor begon te huilen en ik niet instemmen kon. Waar toch vonden zij al die tranen, want dat waren de eerste niet, dan kon ik aan haar gezichten wel zien. Gelukkig weende mijn broer óók niet. Maar hij is dokter en zij weten allen dat hij aan dergelijke taferelen gewoon is, zodat het voor mij toch maar pijnlijk was.
  • Bij de Nieuwe Zakelijkheid wordt gebruik gemaakt van korte, krachtige zinnen. Ik heb hem bedankt, mijn mandvalies opgepakt en de tram genomen, naar huis toe. Mijn accumulator is leeggelopen. Ik ben uitgebloed.
  • Het onderwerp gaat over het zakenleven. En de lezer kan zelf een mening vormen over de daden van de hoofdpersoon. Uiteindelijk is het een mislukt avontuur, en de lezer zelf kan zich afvragen hoe dit kon gebeuren. Is het de schuld van de hoofdpersoon? Hij had alles maar hij wilde toch nog meer. Of is het de schuld van mijnheer van Schoonbeke? De lezer kan het avontuur van Frans Laarmans dus zien als een wijze les.

Kaas hoort dus bij de Nieuwe zakelijkheid. Elsschot maakt gebruikt van korte, alleszeggende zinnen, het gevoel staat niet centraal en het onderwerp heeft betrekking tot het zakenleven.

Bronnen:
https://nl.wikipedia.org/wiki/Kaas_(roman
https://nl.wikipedia.org/wiki/Nieuwe_zakelijkheid
http://www.scholieren.com/keuzeopdracht/11331

2a. Stromingsboek, Karakter - F. Bordewijk

Auteur: F. Bordewijk
Titel: Karakter; roman van zoon en vader
Uitgave: 1e dr.: 's-Gravenhage : Nijgh & Van Ditmar, 1938.
42e druk
Aantal pagina's: 248
Genre: psychologische roman

Karakter is het verhaal van het buitenechtelijke kind Jacob Katadreuffe. Hij wordt grootgebracht door zijn moeder, Joba, die weigert om met Katadreuffes vader, de deurwaarder Dreverhaven, te trouwen. Nadat hij als kleine zelfstandige failliet is gegaan vindt er een ommekeer plaats in het leven van Katadreuffe: het enige doel wordt zijn ontwikkeling tot advocaat. Die weg legt Katadreuffe af met als vriend alleen Jan Maan - een mogelijke relatie met Lorna te George houdt Katadreuffe af. Bij zijn klim op de maatschappelijke ladder wordt Katadreuffe, zo lijkt het, voortdurend gedwarsboomd door zijn vader. Nadat Katadreuffe zijn doel bereikt heeft, suggereert de vader dat hij wel eens niet tegen-, maar juist méégewerkt zou kunnen hebben: door het zijn zoon moeilijk te maken, maakte hij hem groot.

 

Kenmerken van de nieuwe zakelijkheid
  • De literatuur van de nieuwe zakelijkheid kenmerkt zich vooral door een koele, beschouwende houding van de verteller.                                                                       In het boek wordt alles kort en krachtig verteld, zonder al te veel gevoel en middelen. De verteller beschrijft alles, maar laat een mening achterwege, zodat de lezer deze zelf kan vormen.
Men wees haar er op dat de vader verplicht was tot levensonderhoud. Ze antwoordde prompt en pathetisch: "Het kind zal nooit een vader hebben."
"Ja maar we bedoelen geen vaderrechten, we bedoelen alleen maar dat de vader moet opbrengen voor je kind." "Nee."
"Hoe nee?"
"Ik wil niet."
Ze was tegen niemand vertrouwelijk. Haar eene buurvrouw, fel nieuwsgierig, hengelde voorzichtig naar den vader. Die buurvrouw had, zij wist zelf niet hoe, zoo de gedachte dat er een rijk heerschap achter het geval stak. Joba antwoordde: "Het doet er niet toe, het kind krijgt nooit een vader."
"Waarom niet?"
"Daarom niet." (blz 12-13)
 
  • De nieuwe zakelijkheid kenmerkt zich door korte, zakelijke zinnen en een nuchtere, duidelijke manier van schrijven, waarbij weinig gebruik wordt gemaakt van bijvoeglijke naamwoorden.                                                                                                            Samen gingen ze de markt rond. In het eerst zei hij niet veel. Ze stapten gelijk op, even groot, Katadreuffe slechts iets tengerder, nog in zijn beste pak waarmee hij dien ochtend den curator had bezocht. (blz 50)

  • De schrijver waagt zich niet aan emoties en gevoelens en wil de werkelijkheid zo objectief mogelijk weergeven. Inhoudelijk gaat het vaak over zaken, het moderne leven en sociale bewogenheid.                                                                                                                Hij overtrof niet zijn eigen verwachtingen, want een eerzuchtige is niet tevreden met minder dan het bereiken van het gestelde doel, en Katadreuffe zijn doel lag hoog. Maar hij was een goed systematicus, hij zorgde ervoor allereerst een behoorlijk figuur te maken in het werk waarvoor hij was aangenomen, want vanuit de plek van dit kantoor moest hij omhoog groeien, als hij die plek verloor was meteen zijn groei gestuit. Binnen een paar weken kon hij typen als de beste door zijn oefeningen 's morgens vroeg, 's avonds laat, op Zaterdagmiddag en op Zondag. (blz 71)

Dit boek behoort dus tot de Nieuwe Zakelijkheid; het is kort en krachtig geschreven, er is gebruik gemaakt van weinig, en korte dialogen, voor het grootste deel worden zakelijke handelingen beschreven en de meeste personages zijn advocaten en andere zakenmensen. Ook sociale onderwerpen komen voor in dit boek, zoals het communisme.

Bronnen:
http://www.dbnl.org/titels/titel.php?id=bord001kara01
https://nl.wikipedia.org/wiki/Nieuwe_zakelijkheid